3.4 Stads- en natuurherstel

Activiteiten  1 2

Kernbegrippen

  • Duurzaam vervoer
  • Permacultuur en stedenbouwkundig ontwerp
  • Transition Towns
  • Ecodorpen
  • Herstel en hervestiging
  • Ecobarrios

Introductie

Voor het eerst in de menselijke geschiedenis woont meer dan vijftig procent van de mensen in de wereld in de stad. Geschat wordt dat steden ongeveer twee procent van het aardoppervlak bedekken, maar ze verbruiken 75% van de natuurlijke hulpbronnen van de planeet. Naarmate meer en meer mensen naar grote steden trekken, zal de consumptie toenemen, wat betekent dat stedelijke gebieden de belangrijkste aanjagers zijn geworden van de ecologische crisis.

Materialen op aarde worden steeds schaarser. Nu na een paar honderd jaar van roekeloze uitbuiting en giftige industrialisatie, bevinden de belangrijkste levensondersteunende functies van de biosfeer zich in een staat van degradatie en achteruitgang. Vanuit ecologische, economische, sociale en culturele perspectieven is de situatie behoorlijk serieus te noemen en vraagt ​​om onze onmiddellijke aandacht.

Een van de beste dingen die je kunt doen voor het herstel van het milieu, is vanaf nu actieve, praktische stappen te zetten in het herstel van de natuur. Hiermee kun je al in het klein beginnen door bomen te planten, een oude boomgaard mulchen, de bodem in je tuin verbeteren door compost toe te voegen of alleen al door dat ene plastic zakje wat je ziet in de berm op te pakken en netjes weg te gooien.

De laatste tijd lijken natuurrampen vaker voor te komen en met zwaardere gevolgen: aardbevingen, tsunami’s, orkanen, overstromingen en branden veroorzaken allemaal massale vernietiging en onmetelijk leed. Combineer je dit met rampen die worden veroorzaakt door menselijk gedrag zoals verzilting, ontbossing, verwoestijning en industriële vervuiling, nucleaire catastrofes en oorlog, dan moet er een systematische methode worden bedacht om effectief en efficiënt te herbouwen na een ramp. De principes en werkwijzen van het integraal systematisch gebiedsontwerp kan mogelijk een oplossing bieden.

Een goed voorbeeld daarvan is de re-vegetatie- en regeneratie-inspanningen van de mensen in ecodorp Auroville, in de Tamil Nadu van India: in de loop van dertig jaar is de eens uitgedroogd, gebakken modderlandschap verandert in een bloeiend bos en een leefbare omgeving voor een groot aantal levende organismen – inclusief de mensen zelf. Hoe ironisch ook, het opruimen na een ramp biedt de mogelijkheid duurzame vernieuwingen door te voeren. Het leven gaat door. Vaak kunnen de overheden de herbouw na een ramp niet aan.  Bewoners moeten daarom op zichzelf kunnen vertrouwen voor de wederopbouw. Daarom is het belangrijk dat steeds meer mensen gebieden leren ontwikkelen met behulp van de duurzame integrale systeem aanpak!

Het is belangrijk dat gemeenschappen veerkrachtig zijn;  dat gemeenschappen (steden en dorpen) in staat zijn om zichzelf te herstellen na een heftige gebeurtenis en niet afhankelijk hoeven zijn van steun van de overheid.

Door de groene bebouwde omgeving te laten functioneren als een ecosysteem, kunnen dorpen en steden veerkrachtig en klimaat adaptief zijn.

Verdiepende vragen
  • Wordt er in het project van de jongeren rekening gehouden met CO2 neutraal bouwen, klimaat adaptatie, afvalbeheer, een gezond binnenklimaat?
  • Is er in het project van de jongeren rekening gehouden met de communicatie-infrastructuur?
  • Is er in het project van de jongeren aandacht geschonken aan de vraag in hoeverre de bebouwde omgeving in uw project kan functioneren als een ecosysteem?
  • Is er in het project aandacht geschonken aan slimme verwarmings- en koelsystemen passend bij de klimatologische omstandigheden van de te bebouwen of te renoveren plek?
  • Is er in het jongerenproject nagedacht over de ventilatie van de gebouwen? Is er nagedacht over het al dan niet noodzakelijk zijn van tochtwering?
  • Wordt er in het jongerenproject gebruik gemaakt van groene daken in verband met de CO2 opname, biodiversiteit, isolatie en klimaatadaptatie?
  • Is er voor het jongerenproject een berekening gemaakt voor de voetafdruk van gebouwen, bouwmaterialen, constructietechnieken of energiesystemen?
  • Is er in het jongerenproject aandacht geschonken aan het inzetten van sensortechniek, monitoring en koppeling van systemen in een smart grid?
Theoretisch kader

Mobiliteit en duurzaam vervoer (SDG 9 en SDG 11)

Transport is een belangrijk probleem bij het ontwerpen van steden. Er zijn al vele pogingen ondernomen om het gebruik van auto’s in de stad te verminderen maar dat wil nog niet zo erg lukken. De fiets zou een oplossing kunnen bieden. Met hun onovertroffen efficiëntie spelen fietsen een belangrijke rol in een energiezuinige toekomst. Maar hoe ga je een winkel bevoorraden op de fiets?

Het blijkt lastig te zijn voor ons transport de CO2-voetafdruk te verkleinen. We zijn zo gewend aan de effectiviteit van fossiele brandstoffen voor het leveren van onze mobiele energie. Er zijn echter enkele opties die het bekijken waard zijn: Het minimaliseren van de behoefte aan transport, lokaliseren van activiteiten en versterking van interne connecties, fietsen – misschien elektrische fietsen voor langere reizen, als biobrandstofgewassen lokaal zijn kan het persen van geschikte oliën, zoals koolzaad of zonnebloem worden overwogen, auto’s delen, nieuwe technologie gebruiken: elektrisch, perslucht en waterstof.

Stedelijke permacultuur: aanpassen van zones en sectoren in de stad (SDG 6, 7, 8. 9. en 11)

(Bron: artikel van Bart Anderson)

Permacultuur heeft bewezen belangrijke ontwerpprincipes en ideeën te bieden voor diverse duurzame levensstijlen. Hoewel de voorschriften meestal worden geassocieerd met biologische landbouw en voedselproductie, is deze ook van toepassing op stadsinrichting. Een belangrijke permacultuurtool is het indelen van een gebied in zones en sectoren. De techniek wordt regelmatig behandeld in Permaculture Design Cursussen. Een gratis online cursus kun je vinden op: http://www.permacultuurnederland.org/wp/online-materiaal-boeken-etc/#.XBZB9WhKjIU

Zones worden meestal voorgesteld als zes concentrische cirkels, variërend van Zone 0 (thuis) tot Zone 5 (niet-beheerd land). Toegepast op steden kan de volgende zone indeling worden gebruikt:

  • Zone 0: Thuis.
  • Zone 1: loopafstand (“pedosphere”).
  • Zone 2: fietsafstand (“cyclosphere”).
  • Zone 3: bereikbaar met het openbaar vervoer of met een korte rit.
  • Zone 4: rijafstand.
  • Zone 5: alleen bereikbaar per vliegtuig of ander langeafstandsvervoer.

Transition Town Principes

Transition Towns (TT) is een beweging die in 2005 is opgericht met als doel gemeenschappen voor te bereiden op de twee uitdagingen: klimaatverandering en piekolie. Sind 2012 zijn over de gehele wereld Transition Towns te vinden. TT-projecten willen het bewustzijn omtrent duurzaam leven vergroten, de CO2 uitstoot drastisch verminderen zodat de klimaatverandering vertraagt en de lokale veerkracht aanzienlijk verhogen zodat we steeds beter zonder fossiele brandstoffen kunnen. Dorpen, wijken en steden worden aangemoedigd methodes te zoeken om energieverbruik te verminderen en hun zelfredzaamheid te vergroten.

Zie voor detailontwerp en -planning van Transition Towns het Transition Handbook beschikbaar op

http://www.cs.toronto.edu/~sme/CSC2600/transition-handbook.pdf

Noodherstel en hervestiging (SDG 11)

Het is bekend dat een van de belangrijkste redenen waarom rampen zo verwoestend kunnen zijn, het feit is dat dorpen en steden onvoldoende voorbereid zijn op een mogelijke ramp. Om grote rampen te voorkomen, moeten dorpen en steden veerkracht opbouwen in de regeneratiecapaciteit van het ecosysteem. Ecosysteemregeneratie kan worden ontworpen, zodat dorpen en steden beter bestand zijn tegen overstromingen, tocht, branden en de gevolgen van vervuiling. Het is daarbij belangrijk dat een dorp zelf in actie komt na een ramp.

Bij de hulpverlening na een ramp zijn meestal voedsel, gezondheid en beschutting de eerste zaken waaraan aandacht geschonken wordt. Dit is noodhulp. Er is echter meer nodig om werkelijk te herstellen na de ramp. Hiervoor is het verstandig een plan van aanpak te maken waarin de volgende zaken zijn geïntegreerd:

  • Plaatselijke herschikking en sloop van oude of onrechtmatig gebouwde panden welke vervangen worden door nieuwe huizen.
  • Empowerment van de slachtoffers na een ramp om hun eigen gemeenschaps-ontwikkelaars en beslissers te worden.
  • Handhaven, creëren of verbeteren van bestaande functionele economische centra.
  • Verbreding van de natuurlijke ecosystemen langs overbelaste en overstroomde waterwegen (ruimte voor het water).
  • Lokaal afvalbeheer door recycling en compostering
  • Verbetering van openbaar vervoersinfrastructuur voor gebruik door voetgangers, fietsen en brommers.

Regeneratie (SDG 11)

Co-founder van de World Future Council Herbert Girardet heeft zich vele jaren gericht op de uitdagingen en regeneratie van duurzame stedelijke ontwikkeling. Regeneratie is een biologisch verschijnsel waarbij beschadigde organen van een organisme volledig worden hersteld. Girardet ziet de planeet als het organisme en de aardbodem, bossen en wateren van de planeet zijn de organen. Hij pleit er daarom voor dat we niet alleen maar streven naar het behoud van onze beschadigde ecosystemen en zieke gemeenschappen, maar om ze in plaats daarvan geheel te vernieuwen. Te regenereren.

De kennis en technologieën om hernieuwbare energie onze belangrijkste energiebronnen te maken zijn er volgens hem. Voor de regeneratie van de planeet is systemische verandering noodzakelijk Een aanpak waarbij het beschermen van de planeet minstens zo belangrijk is als de belangen van de mens. Onze voortdurende ontwikkeling mag daarbij niet langer ten koste gaan van onze ecosystemen. Volgens Girardet zou in alles wat wij doen en nastreven, de bescherming en hernieuwing van de ecosystemen een leidend principe moeten zijn.

Meer info:

https://www.worldschool.nl/hugs/docs/Towards_Regenerative_Cities_web.pdf

https://www.worldfuturecouncil.org/p/herbert-girardet/

Herstel van vegetatie (SDG 15)

Het herstellen van de vegetatie is het proces van herbeplanting en wederopbouw van de bodem van verstoord land. Dit kan een natuurlijk proces zijn dat wordt geproduceerd door kolonies van planten en successie. Het kan ook een door de mens gemaakte rewilding-project zijn, of een project waarbij mensen een versneld proces in gang zetten dat is ontworpen om schade aan een landschap te herstellen als gevolg van bosbranden, mijnen, overstromingen of andere oorzaken.

Oorspronkelijk was het proces eenvoudigweg het toepassen van zaad en kunstmest op verstoorde landen, meestal zaad van grassen of klaver. Het vezelige wortelnetwerk van grassen is nuttig voor erosie beheersing op korte termijn, vooral op hellende grond. Voor het tot stand brengen van langetermijn plantengemeenschappen is het noodzakelijk om te bepalen welke soorten geschikt zijn voor het klimaat, de omvang van de benodigde voorraad en de impact van de geïntroduceerde vegetatie op de lokale fauna.

De motivatie voor herstel van vegetatie kan verschillend zijn, maar erosiepreventie is meestal de belangrijkste reden. Herstel van de vegetatie helpt bodemerosie voorkomen, verbetert het vermogen van de bodem om meer water te absorberen bij heftige regenval, en vermindert in combinatie de troebelheid dramatisch in aangrenzende watermassa’s. Herstel van de vegetatie helpt ook bij de bescherming van de kwaliteit van de bodem en het bodemleven.

*Successie is een ecologisch proces waarbij een merkbare verandering in de soortensamenstelling binnen een habitat plaatsvindt. Deze verandering vindt plaats binnen een bepaalde tijdspanne waarna een stabiele levensgemeenschap gevormd wordt. Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Successie_(ecologie).

Technieken voor herstel van de vegetatie (herbegroeiing) (SDG 15)

Er zijn drie technieken die vaak worden gebruikt voor herbegroeiing: direct zaaien, opgekweekte plantjes en natuurlijke of geassisteerde regeneratie.

  • Direct zaaien: direct zaaien houdt in dat zaad direct in de voorbereide grond wordt gezaaid.
  • Opgekweekte plantjes: plantjes die  zijn opgekweekt in kleine potjes en die zo makkelijk te transporteren en uit te planten zijn op de plek waar de natuur hersteld mag worden.. Voortplanting van deze plantjes kan door zaad, door stekken of door deling. De plantjes kunnen met de hand of met een mechanische pootmachine op de voorbereide plaats worden geplant
  • Natuurlijke regeneratie: natuurlijke regeneratie is de term die wordt gebruikt om de groei van planten te beschrijven op basis van zaad dat op natuurlijke wijze op een bepaalde locatie wordt verspreid.

Meer info:

http://www.florabank.org.au/default.asp?V_DOC_ID=962

http://edepot.wur.nl/328444

Ecobarrios (SDG 11)

Ecobarrios streeft naar het creëren van duurzame gemeenschappen binnen diverse wijken in de stad. Een grote inspiratiebron is Ecobarrios in de stad Bogotá. Ecobarrios is geïnspireerd door de meer dan 10.000 ecodorpen in de wereld en heeft manieren gezocht om kennis en ervaringen uit de ecodorpen aan te passen aan het stedelijke scenario als een antwoord voor de burgers in hun zoektocht om hun stad te transformeren in iets moois, iets gezonders en blijers.

Ecobarrios houden zich bezig met:

  • Gemeenschapsvorming en burgerparticipatie
  • Leiderschapsworkshops
  • Beheer van afval van huishoudens en bedrijven
  • Compostering binnen en buiten de lokale gemeenschap
  • Lokaal duurzaam water- en energiebeheer
  • Verantwoorde consumptie
  • Organisch tuinieren in de stad

Slimme duurzame steden (SDG 11)

Nu er zo veel mensen in de stad leven moeten we duurzame oplossingen voor steden creëren. Al jaren wordt er gezegd dat je steden kunt bouwen die zelf hun eigen energie produceren, maar dat valt nog te bezien. Er zijn voorbeelden van duurzame smart cities in Arabische steden in de woestijn (Abu Dhabi en Dubai) maar dit zijn niet echt de beste modellen om te imiteren. Ze zijn veel te energie-intensief.

Meer info over duurzame stad Masdar: https://www.youtube.com/watch?v=WQgInPNinFM

Smart grid (SDG 7 en SDG 11)

En smart grid is eigenlijk een slim energienetwerk. Dat klinkt logisch. Als je je bedenkt dat momenteel de meeste energie wordt geleverd met behulp van techniek die meer dan vijftig jaar oud is, dan wordt dat al minder vanzelfsprekend. Een smart grid maakt gebruik van informatie. Dit zijn zowel  communicatie- technologieën als computerintelligentie in apparaten om op een geïntegreerde manier voor elektriciteitsopwekking, -distributie en -consumptie te kunnen zorgen. Een smart grid zorgt voor meer efficiëntie: energiegebruikers kunnen door slim gebruik te maken van apparatuur stroom en kosten besparen. Bijvoorbeeld door een verwarmings kacheltje in de schuur in de winter niet continu aan te laten staan, maar juist op piekuren (hoge energieprijs/energievraag) uit te schakelen. Doordat een smart grid dit soort informatie kan geven aan huishoudens en apparaten zijn er talloze manieren om energie te besparen. Een slim energienetwerk is niet mogelijk zonder slimmere huizen en kantoren. Dat wil zeggen dat  apparaten in een huis of kantoor moeten weten wat ze met de informatie moeten doen van een smart grid en er moet een apparaat komen dat de apparaten in huis of kantoor aanstuurt. In Nederland lopen momenteel 30 projecten waarin er op kleinere schaal met een smart grid gewerkt wordt. Bijvoorbeeld in de Gorinchemse wijk Hoog Dalem. Daar staan 50 huishoudens aangesloten op een smart grid die ervoor zorgt dat duurzame elektriciteit wordt opgeslagen en verdeeld onder de huizen.

https://www.youtube.com/watch?time_continue=13&v=N8jqbKd8hVg

https://maken.wikiwijs.nl/userfiles/cdb3d12c1a1c4e16f55c4852807c3e01503f0596.pdf

Stadstuinieren (SDG 3 en SDG 15)

De vereniging Velt (Vereniging voor Ecologisch Leven en Tuinieren) hebben ene leuk inspiratieboek over stadstuinieren samengesteld en ze definiëren daarin stadstuinieren als volgt:

Stadslandbouw gaat over “het voortbrengen, verwerken en vermarkten van voedsel in stad en stadsrand, gebruikmakend van stedelijke hulpbronnen en reststoffen, mensen. Stadslandbouw is geen doel op zich en draagt bij aan andere economische en maatschappelijke baten als leefbaarheid, gezondheid, sociale cohesie, educatie, klimaat enz.

Bron: https://www.velt.be/sites/files/content/documenten/Lesgeverstrefdag/ppt_stadslandbouw_frank.pdf

Meer info over stadstuinieren:

https://www.velt.nu/sites/files/content/documenten/Seizoenen/2014/seizoenen_juli_2014.pdf

https://www.gezondin.nu/?file=937&m=1526745445&action=file.download

https://wilmaslawnandgarden.com/urban-farming-over-de-hele-wereld/

https://stadstuinieren.wordpress.com/

En een leuk initiatief: http://www.voedselbanktuinierenschiedam.nl/

Urban roof farms (SDG 11 en SDG 15)

Er worden  wereldwijd steeds meer eetbare daktuinen aangelegd op grote wolkenkrabbers en hoge kantoor- en flatgebouwen. Deze robuust gebouwde  gebouwen bieden hier de ideale omstandigheden voor. De daken van dit soort gebouwen kunnen een flinke last dragen waardoor de stadsboeren een dikke laag substraat (grond) kunnen verspreiden over het dak waar ze planten in kunnen worden gekweekt. Bij de Brooklyn Grange in New York is in 2010 een zeer groot daktuin, en naar wat ze zelf beweren de grootste stadsboerderij, aangelegd. Deze daktuin biedt een groots uitzicht over Manhattan’s iconische skyline. De Brooklyn Grange stadsboerderij voorziet dagelijks de lokale community én restaurants van vers groente en fruit. In Nederland is in Rotterdam een stadsboerderij gerealiseerd op een dak: de dakakkers.

 

Meer info dakakkers in Rotterdam:

https://www.luchtsingel.org/locaties/dakakker/

https://www.multifunctioneledaken.nl/files/Kennisdocument_Dakakkers.pdf

Klimaatadaptatie (SDG 11)

Klimaatadaptatie is de mate waarin we de omgeving kunnen aanpassen aan klimaatverandering. Verandering van het klimaat zorgt voor een aantal problemen in de huidige samenleving. Zoals harde regenbuien die overstromingen veroorzaken, bebouwde omgevingen die warmte vasthouden en niet makkelijk afkoelen en hittegolven die zorgen voor uitdroging van de natuur.

In Nederland ondervinden inwoners van grote steden met regelmaat het ‘stedelijke hitte-eiland effect’, of hittestress. In stedelijke gebieden kan het tot wel 6 graden Celsius hoger zijn dan in onbebouwde gebieden. Wanneer de temperatuur zo hoog oploopt, is dit gevaarlijk voor kwetsbare groepen zoals ouderen en jonge kinderen. De hitte veroorzaakt tegelijkertijd problemen door uitzetting bij spoorwegen, bruggen en andere infrastructuur.

Om dit soort problemen te voorkomen is het belangrijk dat er maatregelen genomen worden. Kleine initiatieven kunnen al meehelpen. Door bijvoorbeeld het aanbrengen van begroeide gevels, groene daken en beplanting in de tuin in plaats van bestrating. Naast dat de beplanting zorgt voor het tegengaan van hittestress, zorgt het ook voor een toename in biodiversiteit van dieren, zoals insecten. Daarnaast neemt groen ook beter water op dan stenen, waardoor minder snel wateroverlast ontstaat.

De jongeren

  • Kunnen praktische technieken toepassen voor het herstellen van de natuur
  • Kunnen praktische technieken toepassen voor het versnellen van natuurlijke processen
  • Kunnen de omvang van de schade inventariseren van verzilting, ontbossing, woestijnvorming, uitputting van watervoerende lagen, opwarming van de aarde en allerhande vervuiling.
  • Kunnen principes van ecologische gebiedsontwikkeling toepassen die kunnen worden gebruikt voor de wederopbouw na rampen.
  • Kunnen veerkrachtige ontwerpen maken voor duurzaam stads- en plattelandsontwerp
  • Kunnen succesvol schaarse middelen beheren.
► 3.4.1 Groene steden en de duurzaamheidsmeter Ga naar opdracht

Onderzoek een breed scala aan kenmerken van ‘groene steden’ en deel de informatie met mede leerlingen. Onderzoek de vraag waarom een ​​stad wordt beschouwd als een ‘groene’ stad of koploper in stedelijke duurzaamheid?

► 3.4.2 Jongeren voor een groene stad Ga naar opdracht

Onderzoek naar de vraag: Hoe kunnen jongeren groepen zich op een positieve en actieve manier inzetten voor het verbeteren van hun stad.

► 3.4.3 Buiten in de natuur werken

Hoe je het ook went of keert; om het milieu te herstellen moet je soms echt stoppen met er alleen maar over te praten, je laarzen en handschoenen aantrekken, de gereedschappen pakken en naar buiten gaan om de handen uit de mouwen te steken en daadwerkelijk te helpen bij het herstel. Voor degenen die klaar zijn om aan de slag te gaan is hier een lijst van dingen die je kunt doen, gebaseerd op het uitgangspunt dat “de natuur zelf het het beste weet:

  • Doe de natuur, daar waar mogelijk, exact na.
  • Begin bij gebieden waar het ecosysteem nog het dichtst bij zijn natuurlijke toestand is.
  • Besteed bijzondere aandacht aan cruciale soorten – soorten die de belangrijkste componenten van het ecosysteem zijn en waarvan vele andere soorten afhankelijk zijn.
  • Gebruik pionierssoorten en natuurlijke successie om het herstelproces te vergemakkelijken.
  • Maak ecologische niches opnieuw waar ze verloren zijn gegaan.
  • Herstel ecologische koppelingen – verbind de draden opnieuw in het Web of Life.
  • Beheers / of verwijder bestaande soorten.
  • Verwijder of minimaliseer de beperkende factoren die natuurlijk herstel verhinderen.
  • Laat de natuur het meeste werk doen.

3.4.4 Bewust duurzaam vervoer

Wil je inzicht krijgen hoe duurzaam jij met vervoer om gaat? Dan kun je een zonemap maken. Begin met het markeren van de locaties van je activiteiten op een kaart van je land, provincie of gemeente. Plekken die je zou kunnen aanstippen zijn bijvoorbeeld je school, winkels die je bezoekt, bibliotheek, parken, familie, vrienden – dus eigenlijk alles waar je regelmatig naar toe reist. Frequentie van bezoeken kan worden aangegeven door middel van verschillende kleuren stippen. Zet vervolgens de verschillende zones op de plattegrond in kaart. Gebruik daarvoor de zone indeling van Bart Anderson. De kaart is een hulpmiddel voor bewustwording hoeveel tijd je kwijt bent aan vervoer, welk vervoer je gebruikt en hoe duurzaam het vervoer is.

3.4.1 De duurzaamheidsmeter

Activiteiten    1 2

Het creëren van groene steden is een uitdaging die wordt aangegaan over de hele wereld. Om Groene steden worden ontworpen voor een beter leefmilieu, economische vitaliteit, sociale rijkdom en geestelijke vervulling.

Onderzoek een breed scala aan kenmerken van ‘groene steden’ en deel de informatie met de jongeren. Onderzoek de vraag waarom een ​​stad wordt beschouwd als een ‘groene’ stad of koploper in stedelijke duurzaamheid?

Inzicht krijgen in de vele kenmerken van een groene stad en voorbeelden van groene steden en dorpen kunnen geven.

Flip-over. Computers met internet. Kladblok. Toegang tot koplopers en leiders van groene steden.

  1. Verdeel de klas in kleinere groepen.
  2. Ken elke groep toe aan een andere stad die een voortrekkersrol speelt op het gebied van ecologische, sociale en economische duurzaamheid. Elke groep kan zich concentreren op een van deze aspecten of iets wat bijzonder is aan de stad of dorp, zoals noodhulp of transport. Voorbeelden van steden die zij op internet kunnen onderzoeken zijn Curitiba, Brazilië; Reykjavik, Ijsland; Vancouver, Canada; Barcelona, ​​Spanje; Malmö, Zweden; Sydney, Australië; Freiburg en de eigen woonplek van de leerlingen. Een handig hulpmiddel om de duurzaamheid van Nederlandse gemeente te onderzoeken is de duurzaamheidsmeter: http://www.duurzaamheidsmeter.nl/index.php?topic=2013-2014&style_id=0
  3. Groepen onderzoeken de volgende 9 categorieën voor de stad of dorp: LUCHTKWALITEIT, WATER, LANDGEBRUIK, TRANSPORT, ENERGIE, VOEDSEL EN LANDBOUW, GROENE GEBOUWEN, AFVALSTOFFEN, VOLKSGEZONDHEID.
  4. Nodig, indien mogelijk, een lokale gemeenteambtenaar uit om te praten over het duurzaamheidsplan voor de stad of dorp waar de school is gevestigd.
  5. Na onderzoek naar de duurzaamheid van hun stad presenteert elke groep zijn bevindingen aan de hele groep.
  6.  

Nabespreking van deze opdracht kan het beste worden gedaan in de vorm van een wedstrijd. Aan de hand van vastgestelde criteria, opgesteld door de leerlingen, worden de presentaties beoordeeld door de leerlingen. Jongeren stemmen na afloop welke stad of dorp ze het meest vooruitstrevend vinden op het gebied van duurzaamheid.  

  • Jongeren. Vraag jongeren wat ze hebben waargenomen. Hoe ze zich voelden tijdens deze opdracht. Wat hebben ze ontdekt over de verschillende duurzaamheidsinspanningen van steden die ze hebben onderzocht? Wat maakten het meest indruk over lokale inspanningen op het gebied van duurzaamheid?
  • Facilitators. Welke bijzonderheden zijn u opgevallen tijdens de uitvoering van deze oefening? Hoe goed hebben leerlingen de opdracht kunnen uitvoeren? Wat hebben de jongeren gebruikt van de aanwijzingen? Is er iets gebeurt tijdens de uitvoering van de opdracht dat uw aandacht op risico’s of onvoorziene resultaten vestigde?
Leeftijdsadvies (Kind - Jeugd - Volwassen)

Jeugd – Volwassen

  • Hoofd – Cognitief – Concepten 80% 80%
  • Handen – Vaardigheden – Skills 20% 20%
  • Hart – Attitude – Gedrag 50% 50%
  • Samenleven – Community 60% 60%
SDGoals

1: No Poverty

2: Zero Hunger

3: Good Health and Well-Being for people

4: Quality Education

5: Gender Equality

6: Clean Water and Sanitation

7: Affordable and Clean Energy

8: Decent Work and Economic Growth

9: Industry, Innovation and Infrastructure

10: Reduced Inequalities

11: Sustainable Cities and Communities

12: Responsible Consumption and Production

13: Climate Change

14: Life Below Water

15: Life on Land

16: Peace, Justice and Strong Institutions

17: Partnerships for the Goals

3.4.2 Gaan voor een groene stad

Activiteiten    1 2

Steeds meer mensen die in steden leven, zoeken naar een doel om voor te leven. Ze willen niet opgaan in de massa en ook in de stad een vorm van een positieve en actieve gemeenschap ervaren. Jongeren die zich aansluiten bij zo’n groep in de stad, willen zich vaak op een positieve manier inzetten om stedelijke verwaarlozing, inkomensongelijkheid, eenzaamheid, milieuvervuiling en racisme tegen te gaan door activisme, onderwijs en door een voorbeeld te zijn voor anderen.

Dit alles is terug te vinden in de Ecobarrios projecten. Deze projecten werken aan een duurzame groene stad door middel van projecten zoals het onderhouden van een stadstuin, maatschappelijke projecten in sloppenwijken of het inzamelen van zwerfvuil. Jongeren uit gezinnen met een laag inkomen vechten voor betere scholen en leefbare banen. Andere jongeren werken eraan om de verbinding tussen scholen en bedrijven te versterken, vanuit diverse culturen en gericht op verduurzaming van de relatie en de omgeving.

Veel jonge leden binnen Ecobarrios-projecten halen steun en kracht uit de visie omtrent duurzaamheid, als het antwoord op de uitdagingen waarmee zij elke dag worden geconfronteerd. Ecobarrios ziet dat als de ‘zaadjes’ die ze willen zaaien in de maatschappij. Het Ecobarrios-trainingsprogramma is voor alle leeftijden maar heeft zeker een grote impact op jongeren. Het bekrachtigd ze op een manier die traditionele schoolsystemen niet kennen in hun curriculum.

Onderzoek naar de vraag: Hoe kunnen jongeren groepen zich op een positieve en actieve manier inzetten voor het verbeteren van hun stad.

Een horizontaal perspectief op stedelijke kwesties en participatie van jongeren. Leren wat het betekent om de ander te respecteren en van / met de ander te leren.

Internettoegang of contact met actieve jeugdgroepen in een stad

Stappen: 

  1. Deel de groep op in teams van elk 4 – 6 personen, afhankelijk van het aantal deelnemers.
  2. Elk team moet ten minste één persoon hebben die kan vertalen van Engels naar Nederlands.
  3. Iedere groep kiest twee buitenlandse en een Nederlandse jongerenorganisatie uit de onderstaande lijst om te verkennen en om van iedere organisatie een kort verslag te schrijven over wat de visie, missie en activiteiten zijn van iedere organisatie.
  4. Ieder team kiest een project uit een van de onderzochte organisaties uit om als voorbeeld te gebruiken om in de eigen stad (of dorp) een soortgelijke project op te zetten.
  5. Ieder team beschrijft van het uitgekozen project de visie, missie en plan van aanpak voor in de eigen stad (of dorp).
  6. Vervolgens presenteren ze het project aan de hele groep.

Lijst van buitenlandse organisaties

  • Actieve Element Foundation
  • Communitybuilders Teenagers
  • Harlem Live!
  • Wiretap
  • Youth Channel
  • Het Centre for Teen Empowerment
  • The Mirror Project
  • Listen, Inc.
  • Youth Empowerment Centre
  • Project Seattle Young Peoples

Lijst van Nederlandse organisaties

Leerlingen Nabespreking van deze opdracht kan het beste worden gedaan in de vorm van feedback. Aan de hand van vastgestelde criteria, opgesteld door de leerlingen, worden de presentaties beoordeeld door de leerlingen en geven de leerlingen elkaar feedback.

Facilitators Welke bijzonderheden zijn u opgevallen tijdens de uitvoering van deze oefening? Hoe goed hebben leerlingen de opdracht kunnen uitvoeren? Wat hebben de leerlingen gebruikt van de aanwijzingen? Is er iets gebeurt tijdens de uitvoering van de opdracht dat uw aandacht op risico’s of onvoorziene resultaten vestigde?

Leeftijdsadvies (Kind - Jeugd- Volwassen)

Jeugd

  • Hoofd – Cognitief – Concepten 50% 50%
  • Handen – Vaardigheden – Skills 50% 50%
  • Hart – Attitude – Gedrag 80% 80%
  • Samenleven – Community 80% 80%
SDGoals

1: No Poverty

2: Zero Hunger

3: Good Health and Well-Being for people

4: Quality Education

5: Gender Equality

6: Clean Water and Sanitation

7: Affordable and Clean Energy

8: Decent Work and Economic Growth

9: Industry, Innovation and Infrastructure

10: Reduced Inequalities

11: Sustainable Cities and Communities

12: Responsible Consumption and Production

13: Climate Change

14: Life Below Water

15: Life on Land

16: Peace, Justice and Strong Institutions

17: Partnerships for the Goals

Play Video
Skip to toolbar